Partner of the
inter-uni.net for integrated health sciences

                   

Het 2e Symposium

Jung in de 21e eeuw

vond plaats op
zondag 21 maart 2004

 

Sprekers op het tweede symposium:

 

Dr Dieter Baumann

“De symboliek in sprookjes”
In sprookjes, legenden en mythologische verhalen komen niet alleen helden, heldinnen, feeën, tovenaars en sprekende dieren voor, maar ook boze stiefmoeders en enge, verslinden-de monsters.

 

Allen hebben hun plaats en rol in het verhaal en symboliseren krachten die werkzaam zijn bij ieder mens. Krachten waar we mee moeten leren leven, die ons het leven leren verstaan en wel of niet herkenbaar zijn.

 

Monsters zijn misschien wel de meest herkenbare én moeilijkst te hanteren figuren omdat ze verstorend werken, oerangsten in ons wakker maken en zich onttrekken aan het menselijk bevattingsvermogen. Het kwaad dat onmenselijke vormen aanneemt, waar je niet mee kan vechten, dat je niet direct maar indirect kunt overwinnen en dat zowel positieve als negatieve, destructieve invloed op het leven van de “held” kan hebben.

 

Monsters die sterker zijn dan het ego of de wil.

 

Hoe kunnen we daar mee omgaan? 

 

Dr Arend Jan Bolhuis
“Hoe lezen we Harry Mulisch in Jungiaans perspectief”

De wereld die een literair werk oproept is een andere wereld dan de dagelijkse realiteit. In een literair werk berusten gebeurtenissen, personages, objecten, ruimtes enzovoort niet op toeval. Ze hangen samen, en op grond van die samenhang kan men ze een betekenis geven die men er in de gewone werkelijkheid niet zo snel aan zou toekennen. Harry Mulisch zegt in dit verband:
De gebeurtenissen in een verhaal zijn […] per definitie al bepaald door de hogere bestiering van een schrijver: als in een verhaal iemand een pijp opsteekt en er vliegt een meeuw voorbij, dan is dat geen zinloos toeval, maar een beslissing met betekenis. Literatuur is de wereld van de zin, gepresenteerd als die van het toeval. […] [Wanneer synchronistische gebeurtenissen] in de werkelijkheid optreden, is het dan ook of het leven literatuur wordt, geleid door een hogere bestiering.

(Harry Mulisch, Oedipus als Freud; naar aanleiding van Jung, Rotterdam 1988, p.16-17)


In de Jungiaanse literatuurbeschouwing gaat vrijwel alle aandacht uit naar de archetypen. Mulisch gebruikt in bovenstaand citaat echter het woord ‘synchronistisch’. Daarmee refereert hij aan een fenomeen uit Jungs psychologie dat zeker zo interessant als de archetypen is, vooral ook wanneer het om de interpretatie van een literair werk gaat. In mijn lezing zal ik aan de hand van het werk van Mulisch ingaan op de vraag in hoeverre men een literair werk zinvol kan interpreteren door het vanuit een synchronistische optiek te benaderen.

 

Dr Annine van der Meer  

De godin in de 21e eeuw

Kent u haar: ‘de slapende Vrouwe van Malta’ ? In een uniek ondergronds heiligdom is zij in de vorm van een minuscuul beeldje gevonden. Zij ligt op een lage bank op kleine pootjes te slapen. Wie is deze welgeschapen vrouwe die bekend staat als ‘the sleeping Lady of Malta’? Een vrouw die slaapt of droomt en zo  genezing hoopt te ontvangen? Een hoogzwangere vrouw die op het punt staat te baren? Een genezeres/priesteres die ter genezing van anderen dromen en visioenen ontvangt? Een godin? Wie zal het zeggen?

 

Zij is gevonden in een onderaardse heiligdom in Malta. Dit wereldberoemde heiligdom of te wel ‘het hypogeum’ blijkt op zijn minst tienduizend jaar ouder dan historici tot voor kort aannamen. Pogingen dit oerverleden te onthullen, werden doelbewust verijdeld. Men is er bang van, laat het liever slapen. In hoeverre staat onze slapende Vrouwe in een oudere traditie, waarin het vrouwelijke vereerd werd? In hoeverre maakt zij deel uit van de oeroude kunst der ‘dikke dames’ of ook wel ‘fat ladies’? Malta kent ook ná deze periode uit de prehistorie een levendige verering van godinnen. Uit de oudheid stammen de beelden van Astarte, Tanit, Juno en Hera. Ze werden achtereenvolgens in één en dezelfde tempel vereerd. Hun gebroken beelden liggen in Malta voor het oprapen.

Wij ontdekken dat de beelden van de Vrouwe zowel in Malta als overal elders bewust zijn zoek gemaakt in het alles overheersende monotheïsme van joden- en christendom en islam. Onder invloed hiervan is het godsbeeld versmald tot dat van een mannelijke god met alle  consequenties voor de vrouw van dien. Het vrouwelijke wordt tot  hoer en helleveeg en leeft onder het aardoppervlak én in ons onderbewuste voort.

Wat is de verdienste van Jung en leerlingen als Erich Neumann geweest in het proces van ontwaken van het vrouwelijke in de 20e  eeuw?  In hoeverre voegen mensen als de Jungiaanse psychiater Jean Bolen en de Nederlandse theoloog Tjeu van den Berk hier iets aan toe in de 21e eeuw? Welke wegen kunnen wij in deze tijd bewandelen om het vrouwelijke als was zij  de slapende Vrouwe van Malta wakker te kussen? Wij beginnen haar beelden die vuil en versplinterd zijn te ont-aarden en op te graven. Maar niet alleen de historische invalshoek verdient aandacht. Neuro-theologie en psychologie bieden ook waardevolle ingangen. Het is de moeite waard. Wij weten: wanneer wij ons werkelijk herinneren, ervaren wij onszelf als heel en één.

 

Dr Stephen Moss

“The Journey from Therapist to Corporate Executive”

Dr Moss, as a business person himself, will address some of  the issues facing the corporate world over the past 10 years. The potential to work with integrity in business and commerce, the challenge of the shadow aspects of corporate life and the problem of type. He will also consider the often found prejudices of  those in the less commercial areas of psychology and  analysis to those in commercial life and practice.

 

Dr Moss will speak from personal experience in his own journey from therapist to company director and reflect on the challenges faced by business in a world of uncertainty, conflict and the need for leadership with integrity.

 

Dr Peter Schellenbaum  

"Die Wunde der Ungeliebten”

Jeder Mensch fühlt sich in bestimmten Aspekten seiner Persönlichkeit unverstanden, alleine gelassen, ungeliebt. -Jene, die bereits in der Kindheit eine traumatische Erfahrung mit der Liebe gemacht haben, nenne ich "Ungeliebte". Sie neigen dazu, diese Erfahrung in ihren späteren Bezeihungen zu wiederholen. So entstehen viele Spielarten der "Unliebesspiele". Ungeliebt - Verstehen - Spüren - Befreien: so lauten die vier Teile sowohl des Vortrags wie auch des gleichnamigen Buches.Mit Beispielen aus der Praxis, Literatur, Mythologie, Philosophie, mit Bezug zur Analytischen Psychologie, versuche ich zu zeigen, wie es gelingen kann, unsere Liebesfähigkeit zu stärken. 

 

Prof. Dr  Patrick Vandermeersch
“Freud en Jung”

Van 1906 tot 1913 werkten C.G. Jung en S. Freud nauw samen, en Jung werd door Freud als zijn meest intelligente leerling, ja zijn `kroonprins' beschouwd. Jung was in die tijd te Zürich psychiater in opleiding, en wel aan de Burghölzli, toen één van de toonaangevende psychiatrische klinieken. Samen met zijn leermeester E. Bleuler deed hij er onderzoek naar schizofrenie. Daar had Freud weinig ervaring mee, omdat hij geen psychiater was. Met zijn drieën kwamen zij tot de overtuiging dat niet de waandenkbeelden, maar problemen in het affectief contact, de kern van deze ziekte uitmaakten. In hun verdere uitwerking van hypotheses hierover kwamen zij in conflict, deels om theoretische redenen, deels omwille van een wederzijdse overdrachtsverhouding waar zij niet uit kwamen. Hierbij speelde de waarde die je aan het religieuze karakter van veel schizofrene waanvoorstellingen mocht hechten een belangrijke rol, alsook de discussie over wat je nu `libido' mag noemen.
 

Drs. Ko Vos. Ph.D.

Ontmythologisering van de analytische therapie”

In vrijwel elke sessie speelt mythologisering van de persona én de beschouwingen van onbewuste beelden uit dromen, visualisaties en hypnotherapeutische imaginaties een rol.
Het ritueel vanaf het maken van een afspraak, het bijeenzitten van twee mensen in een spreekkamer tot en met de afrekening brengen mythologisering op gang. Wanneer we concepten als schaduw, anima en animus, overdracht en tegenoverdracht enz. kunnen ontmythologiseren, kunnen we ontdekken hoe mythe-vorming in ons eigen leven en dat van de client zich ontwikkelt.
Van diverse wijzen zoals Vivekanande (India), Nietzsche (Zwitserland), Deleuze (Frankrijk), Yalom (Verenigde Staten), Drewermann (Duitsland) en anderen kunnen we leren hoe innerlijke beelden, het lijden daaraan en het zich daarvan bevrijden een voortdurende beweging is. Deze bewustzijnsversmallingen en vervolgens het zoeken naar breedte, diepte en hoogte in ons bewustzijn vergt opgave en overgave. Via deze bewegingen kunnen we tevens een herwaardering van de psycho-analyse van Freud verwachten als we deze ontdoen van haar mythologisering. Hiermee kunnen we ook het zoeken naar geluk demystificeren van haar pretenties.

Volg ons




Aanbieder
Meedoen regeling
Nijmegen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Copyright © 2014, Jungiaans instituut, Lankforst 26-10, 6538 GX Nijmegen, The Netherlands